Paradox of the Andes laat de tegenstelling zien van het klimaat op de hoge hellingen in Ecuador. De hoge hellingen van de vulkanen in Ecuador zijn koude woestijnen die bekend staan als de paramo, het onherbergzame land. Op de lager gelegen hellingen, waar het warmer en natter is, is de paramo rijk aan struikgewas. Op de paramo leven onverwachte overblijfselen uit de ijstijd zoals de brilbeer en de bergtapir en tropische soorten zoals de kolibrie zij aan zij. De condor, met zijn spanwijdte van meer dan drie meter, zweeft er moeiteloos op de intense thermiek veroorzaakt door de equatoriale zon.
Op de evenaar bestaan geen jaarlijkse seizoenen, maar elke dag moeten de geharde soorten van de paramo gewapend zijn tegen het voortdurende conflict tussen de hitte van de zon en de koude die ontstaat door de hemelhoge bergen. In de hoge Andes kan het elke dag zomer zijn en elke nacht winter.